In de wereld van farmaceutisch onderzoek zijn er weinig stappen die zoveel persoonlijke en professionele risico’s met zich meebrengen als het naar buiten brengen van misstanden. Toch deed Brook Jackson dat in 2020. Haar verhaal staat centraal in een artikel van arts Mary Talley Bowden, gebaseerd op een interview met Jackson en advocaat Robert Barnes, waarin zij haar rol als klokkenluider in de Pfizer-COVID-19-vaccinproeven en de jarenlange juridische strijd die daarop volgde uiteenzet.
Brook Jackson is een ervaren auditor van klinische studies met bijna twintig jaar ervaring. In de zomer van 2020 werd zij aangesteld als regionaal directeur bij Ventavia Research Group, een onderaannemer die meerdere onderzoekscentra beheerde voor Pfizers cruciale fase 3-onderzoek naar het COVID-19-vaccin. Jackson ontdekte vrijwel direct ernstige onregelmatigheden. In slechts achttien dagen documenteerde zij een reeks overtredingen die, naar haar overtuiging, de wetenschappelijke betrouwbaarheid van de onderzoeken fundamenteel ondermijnden.
Jackson beschreef een werkomgeving waarin snelheid belangrijker leek dan zorgvuldigheid. Proefpersonen werden gevaccineerd zonder correcte geïnformeerde toestemming, een proces dat normaal gesproken inhoudt dat deelnemers uitvoerig worden voorgelicht over mogelijke risico’s en voordelen. In sommige gevallen werden handtekeningen op toestemmingsformulieren vervalst, zelfs wanneer patiënten niet op locatie waren geweest. Ook werden bijwerkingen, waaronder ernstige incidenten, niet of onvolledig gerapporteerd.
Video Link: https://youtu.be/1_1AE3dXiG8
Daarnaast zag Jackson hoe essentiële onderzoeksprincipes werden genegeerd. Het zogenoemde blinding-proces, dat moet voorkomen dat onderzoekers en deelnemers weten wie het vaccin of een placebo krijgt, werd doorbroken doordat randomisatiecodes openlijk in patiëntendossiers lagen. Medische privacy werd niet altijd gerespecteerd en basiscriteria voor deelname, zoals zwangerschapstesten, werden overgeslagen. Jackson meldde deze bevindingen zowel intern als bij de Amerikaanse geneesmiddelenautoriteit FDA, omdat zij vond dat de trials niet voldeden aan de normen die nodig zijn om een vaccin als “veilig en effectief” te bestempelen.
Enkele uren nadat zij de FDA had benaderd, werd Jackson ontslagen. In 2021 startte zij een zogeheten qui tam-rechtszaak onder de False Claims Act, waarin zij stelt dat Pfizer ondeugdelijke of misleidende onderzoeksdata heeft gebruikt om goedkeuring en miljarden aan overheidsgelden te verkrijgen. Die gegevens hebben bijgedragen aan de noodtoelating van het vaccin en aan omvangrijke contracten met de Amerikaanse overheid, waaronder het ministerie van Defensie.
De zaak stuitte al snel op stevige tegenwind. Nadat de zaak aanvankelijk verzegeld was voor beoordeling door de overheid, besloot het Amerikaanse ministerie van Justitie onder de regering-Biden niet in te grijpen. Later vroeg het ministerie alsnog om de zaak te laten seponeren, met het argument dat voortzetting het volksgezondheidsbeleid zou ondermijnen. Een federale rechter ging daarin mee, waarna Jackson in beroep ging bij het Fifth Circuit Court of Appeals.
Tijdens recente hoorzittingen voerde Jacksons advocaat aan dat de overheid niet zonder geldige reden op een laat moment mocht ingrijpen om de zaak te beëindigen. Advocaat Barnes, die de zaak op de voet volgt, sprak in het interview met Bowden over kritische vragen vanuit het hof en een samenstelling van de rechters die ruimte laat voor een andere uitkomst. Hij suggereerde bovendien dat een politieke koerswijziging in Washington de zaak opnieuw zou kunnen beïnvloeden.
Hij stipte ook mogelijke belangenconflicten aan. Barnes wijst erop dat de huidige minister van Justitie, Pam Bondi, in het verleden juridische werkzaamheden heeft verricht voor Pfizer, wat vragen oproept over onafhankelijkheid en mogelijke belangenverstrengeling. Tegelijkertijd benadrukt Bowden dat de gedaagde partijen zich fel hebben verzet tegen inzage in interne documenten, wat de indruk wekt dat men bang is voor wat volledige openheid zou onthullen.
Voor Jackson zelf is de zaak meer dan een juridisch conflict. Afkomstig uit een militaire familie had zij naar eigen zeggen groot vertrouwen in hiërarchie, instituties en toezichthouders zoals Pfizer en de FDA. Eerdere farmaceutische schandalen hadden dat vertrouwen al aangetast, maar de COVID-crisis confronteerde haar, zo stelt zij, met structurele problemen op ongekende schaal. Ze maakt zich vooral zorgen over mensen die schade hebben opgelopen na vaccinatie, waaronder personen die zich onder druk gezet voelden en vervolgens ernstige bijwerkingen kregen die niet als zodanig werden erkend.
Ondanks de persoonlijke en professionele gevolgen blijft Jackson haar strijd voortzetten. Zij zegt gedreven te worden door het lot van degenen die schade hebben geleden. Haar beweringen kregen eerder steun van een onderzoek van het British Medical Journal, dat eveneens tekortkomingen bij Ventavia-locaties blootlegde.
In een aanvullend bericht op X schreef Bowden dat Jackson “de grootste fraude van onze generatie” aan het licht heeft gebracht, zonder daarvoor erkenning te krijgen. Jackson vecht inmiddels al bijna zes jaar en een overwinning zou wel eens verstrekkende financiële gevolgen kunnen hebben voor de farmareus.
Als ze wint, gaat Pfizer bankroet, stelde Bowden onomwonden.
Over de auteur: Robin de Boer is economisch geograaf. Volg hem hier op Substack voor exclusieve content.




